Skip to main content
  • Home
  • Artikels
  • Verslag 40 jaar De Kiem “Ervaren in herstel”

Verslag 40 jaar De Kiem “Ervaren in herstel”

De laatste jaren wordt binnen de geestelijke gezondheidzorg door de vermaatschappelijking van zorg de herstelgedachte centraal gezet. Ook het inzetten van ervaringsdeskundigen neemt in belangrijkheid toe. De verslavingszorg heeft wat betreft herstelgerichte zorg en ervaringsdeskundigheid reeds een lange(re) weg afgelegd. De Kiem organiseerde in kader van hun 40 jaar bestaan een studiedag ‘Ervaren in herstel’ rond deze twee boeiende thema’s.

De studiedag werd voorgezeten door Dirk Van de Velde, directeur van De Kiem. In de voormiddag was er plenair gedeelde met drie centrale sprekers en in de namiddag verschillende parallelle sessies. Tijdens het plenaire gedeelte werd de praktijk letterlijk binnengebracht door het tonen van filmpjes van bewoners die het hadden over hoe zij hun herstel ervaren en bewerkstelligen. Op het einde van de studiedag bracht Lieve De Meyer plenair een vertel theater, die het publiek op een gevoelige manier meetrok in een verhaal rond (eer)herstel.

Herstelgerichte zorg

Prof. Dr. Wouter Vanderplasschen van de vakgroep orthopedagogiek aan de UG benadrukte dat het herstelgericht werken op zich niks nieuw onder de zon is voor de verslavingszorg. Vanaf het begin van behandelinitiatieven als therapeutisch gemeenschappen en zelfhulpgroepen voor drugverslaafden, is herstelgericht werken en het inzetten van ervaringsdeskundigheid aanwezig binnen de verslavingszorg.
Er is al heel wat inkt gevloeid over wat ‘herstel’ precies inhoudt. Het overlapt ook met begrippen als rehabilitatie of resocialisatie. De focus bij herstel ligt persoonlijke groei en omgaan met problemen binnen verschillende leefgebieden, inclusief herval. De visienota van Vandeurzen (2015) hanteert de volgende definitie voor herstelgerichte zorg: ‘Herstel van verslavingsgedrag en eraan gerelateerde problemen is een individueel proces van positieve verandering, op vlak van gezondheid, dagelijks functioneren, maatschappelijke participatie en persoonlijke ontwikkeling.’ Prof. Dr. Vanderplasschen eindigde zijn betoog met de zin “Herstel kan abstinentie omvatten, maar dit is geen noodzaak.”.

David Best, verbonden als hoofdonderzoeker aan het Turning Point Alcohol and Drug Centre en docent Addiction Studies aan de Monash University in Melbourne, trok fel van leer in zijn presentatie. Hij was kritisch voor een te enge neurobiologische kijk op verslaving. Hij benadrukte juist het belang van de sociale context in kader van herstel. De mate van herstel hangt af van het feit of een persoon iemand kan zijn binnen een groep of gemeenschap. Iemand die actief betrokken is bij zinvolle activiteiten zal een gevoel van betekenis en doel krijgen in zijn of haar leven. Het brengt een gevoel van verbondenheid en een positieve identiteit teweeg.

Ervaringsdeskundigheid

Alie Weerman, docente bij de opleiding Sociaal Pedagogische Hulpverlening (SPH) en ervaringsdeskundige, had het over het belang van het inzetten van ervaringsdeskundigheid. Binnen de opleiding waar ze werkzaam is, creëerde ze een nieuwe opleidingsroute waarin de toekomstige hulpverleners de mogelijkheid krijgen om hun eigen (cliënt)ervaringen met psychiatrie en verslaving te benutten als extra deskundigheid in hun beroepsrol. Ervaringsdeskundigheid als een soort optie binnen de opleiding. Ze geeft aan dat deskundigheid van de hulpverlening uit drie componenten zou moeten bestaan. Ten eerste de inhoudelijk en objectieve kennis (bv. de neurobiologische aspecten van verslaving), ten tweede de vaardigheden en technische kennis (bv. motiverende gespreksvoering) en als laatste de meer existentiële (ervarings)kennis. Deze ervaringskennis gaat o.a. over beleving, schaamte en stigma. Het zijn thema’s waar de ervaringsdeskundige vooral sterk in is. In haar rol als docente constateerde ze dat veel hulpverleners in spé ervaring hebben met psychiatrie en verslaving, als cliënt of binnen de familie. Door schaamte en stigma hebben veel studenten het moeilijk om dit te delen met anderen. Weerman geeft aan dat herstel juist betekent om kunnen gaan met deze schaamte en stigma.

In de namiddag werd in de parallelle sessies verder ingezoomd op het thema ervaringsdeskundigheid. Het panel van sprekers bestond allemaal uit ervaringsdeskundigen werkzaam in de verslavingszorg. Ook in het publiek waren er veel ervaringsdeskundigen aanwezig. Het was boeiend om te horen hoe ervaringsdeskundigen een meerwaarde bieden binnen een team van hulpverleners. Zij die ‘het’ zelf hebben meegemaakt zijn vanwege hun ervaringskennis waardevolle medewerkers. Zij verrijken de zorg. Zij kunnen bepaalde zaken zoals craving en beleving van de verslaafde beter plaatsen en begrijpen dan de ‘gewone’ hulpverleners. Maar ervaringskennis houdt niet automatisch in dat je kunt luisteren naar het verhaal van de ander, dat je kunt motiveren en begeleiden. Vandaar dat er benadrukt werd dat ervaringsdeskundigen beter ook een diploma van hulpverlener hebben.

Opvallend was dat er heel hard vanuit gegaan werd dat ervaringsdeskundigen abstinent door het leven (moeten) gaan. Het inzetten van ervaringsdeskundigen in meer laagdrempelige settings met een schadebeperkende visie, werd niet belicht.

Het was een boeiende studiedag. De Hand-outs van de verschillende sprekers vind je op www.dekiem.be