Skip to main content
  • Home
  • Artikels
  • Intersectoraal samenwerken binnen de gevangenismuren

Intersectoraal samenwerken binnen de gevangenismuren

Drugs & Detentie in Gent en Dendermonde

Hoe werk je aan herstel in de gevangenis, een omgeving die vaak onveilig aanvoelt? Het project Drugs & Detentie toont hoe samenwerking tussen verschillende sectoren, aanwezigheid op de afdelingen en ervaringsdeskundigheid gedetineerden perspectief bieden en een hoopgevende brug slaan naar een leefbaar leven na detentie. Michelle Christiaens (coördinator gevangeniswerking bij De Kiem) en Geert Van Bastelaere (ervaringsdeskundige begeleider bij De Kiem) stelden het project voor op de VAD-studiedag van 21 november 2025.

Een ambulant aanbod binnen de gevangenismuren. Niet vanzelfsprekend, wél de missie van Drugs & Detentie, dat in 2017 begon als een pilootproject en in 2023 uitgroeide tot een werking in tien gevangenissen. Het project is een samenwerking tussen De Kiem, CGG Adentro, CGG Schelde-Dender-Waas, Tandem en MSOC Gent.

Deze organisaties bundelen hun expertise in een laagdrempelig aanbod voor elke gedetineerde die wil praten over alcohol- of ander druggebruik. Een multidisciplinair team met een arts, psychiater, psychologen en een ervaringsdeskundige werkt vraaggestuurd en op maat. Voor vrouwen en geïnterneerden is er een specifiek afgestemd aanbod.

Volgens Geert Van Bastelaere van De Kiem is het een grote meerwaarde dat medewerkers naast hun opdracht binnen het Drugs en Detentie-team vaak ook actief zijn in reguliere ambulante of residentiële settings. Dat zorgt voor herkenbaarheid, continuïteit en een warme brug tussen binnen en buiten.

Werking naar gedetineerden, gevangenispersoneel en familie

Sommigen gedetineerden komen met een duidelijke hulpvraag, andere (nog) niet. Samen met de gedetineerde werkt het Drugs en Detentie-team een individueel zorgplan op maat uit, met een mix van een-op-een gesprekken en groepsaanbod.

Er is ook een aanbod voor de naasten van mensen in detentie – © Priscilla Du Preez via Unsplash

Ook het gevangenispersoneel krijgt een plek in de aanpak: hun rol in veiligheid, leefklimaat en herstel is cruciaal. Doordat de medewerkers van Drugs en Detentie zichtbaar aanwezig zijn op de afdelingen en makkelijk aanspreekbaar zijn, ondersteunen ze ook het gevangenispersoneel. Dat draagt bij aan een leefklimaat dat herstel bevordert. Michelle Christiaens van De Kiem benadrukt: “Detentie is geen eindpunt. 90 procent van de gedetineerden komt ooit vrij.”

Ook voor naasten is er een aanbod. Drugs & Detentie zet voor hen in op verbinding, via informatieve groepsbijeenkomsten en gesprekken. De brug slaan naar de context van gedetineerden blijkt een uitdaging, maar tegelijk onmisbaar. Geert verwoordt het treffend: “Naasten zitten vaak figuurlijk mee in detentie, maar krijgen niet automatisch toegang tot een gesprek, een luisterend oor of correcte informatie.” Het aanbod voor naasten maakt niet alleen een verschil voor hen, maar ook voor de gedetineerde zelf.

Continuïteit van zorg verzekerd bij overplaatsing

De Vlaamse Drugs en Detentie-teams zetten sterk in op uitwisseling: doordat coördinatoren, teams en ervaringsdeskundigen regelmatig onderling afstemmen is er een gedeelde visie en een herkenbare aanpak. Dat is ook merkbaar voor de gedetineerden zelf: wie wordt overgeplaatst, kan het begonnen traject vlot verderzetten in de nieuwe gevangenis. Zo blijft de zorg continu en hoeft niemand van nul te beginnen of zijn verhaal telkens te herhalen. De vloeiende overgang binnen een bekend en vertrouwd kader creëert vertrouwen – iets wat in een detentiecontext niet vanzelfsprekend is.

Oefenen met vertrouwen en verbinding in de gevangenis

Doordat in de Drugs en Detentie-teams verschillende disciplines en invalshoeken samenkomen, aangevuld met een ervaringsdeskundig perspectief, kan er echt sprake zijn van herstel. In een omgeving die onveilig aanvoelt is middelengebruik voor sommige gedetineerden een overlevingsstrategie.

Het Drugs en Detentie-team kan hen een veilige ruimte bieden: “Een gevangenis dient niet enkel om te straffen, het is ook een plaats waar hulpverlening kan inzetten op doen ervaren en geloven dat er betrouwbare relaties in de wereld bestaan”, zegt Geert. In de gevangenis kunnen mensen met complexe problemen opnieuw verantwoordelijkheid nemen, stappen zetten richting re-integratie en oefenen met vertrouwen en verbinding.

 

Pas wanneer mensen ervaren dat er buiten de gevangenis écht een kans voor hen ligt, kunnen ze geloven in herstel en vooruitgang.

Geert Van Bastelaere en Michelle Christiaens (De Kiem)

Kansen en uitdagingen binnen én buiten de gevangenismuren

Drugs en Detentie werkt niet enkel binnen de gevangenismuren, maar zet ook maximaal in op het bouwen en onderhouden van de brug naar buiten. Het team denkt met gedetineerden samen na over hoe ze hun leven zullen inrichten eens ze vrijkomen. Door praktische zaken als huisvesting, inkomen en administratie samen te plannen, legt het team mee de basis voor een leefbaar leven na detentie. Mensen staan er niet alleen voor als ze vrijkomen, maar krijgen de ondersteuning die ze nodig hebben.
Ook dat is geen evidentie, want in de samenleving leeft er nog steeds veel stigma rond mensen die uit detentie komen. Ook binnen het vervolgtraject en hulpverleningsaanbod kunnen vooroordelen meespelen. Michelle en Geert benadrukken de impact die dat stigma heeft. Pas wanneer mensen die vastzitten kunnen ervaren dat er buiten de gevangenismuren écht een kans voor hen ligt, kunnen ze geloven in herstel en vooruitgang.

Nood aan kader voor ervaringsdeskundigheid in de gevangenis

Voor Michelle en Geert is de inzet van ervaringsdeskundigen cruciaal. Zij brengen het perspectief van de cliënt binnen in het team. Geert is zelf een ervaringsdeskundige en heeft daarnaast ook een professionele achtergrond in de hulpverlening. Zo is hij een hoopgevend rolmodel. In een context waar mensen zich vaak identificeren met verhalen van mislukking, toont hij dat wat onmogelijk lijkt wél mogelijk kan worden.

Binnen het team leren ervaringsdeskundigen en collega-hulpverleners voortdurend van elkaar en versterken ze elkaars perspectief. Zo wordt de herstelvisie vanuit verschillende invalshoeken benaderd. Tegelijkertijd zijn er bezorgdheden: het ontbreken van een breed gedragen beleid rond de inzet van ervaringsdeskundigheid binnen detentie maakt hun rol soms onduidelijk en beperkt hun mogelijkheden voor opleiding en intervisie.

Volgens Geert is de plek van een ervaringsdeskundige binnen een team evenwaardig en aanvullend. Hij is dankbaar dat organisaties deze stap durven zetten, en hoopt dat er ervaringsdeskundigen binnen de Drugs en Detentie-teams bijkomen.

De werking in Gent en Dendermonde toont dat geïntegreerde zorg in detentie niet alleen mogelijk is, maar noodzakelijk. Het vraagt visie, afstemming en durf, maar het maakt een verschil voor de cliënt én voor de samenleving.