Skip to main content
  • Home
  • Artikels
  • Opleiding in het Europees Preventiecurriculum (EUPC): “Ik ben geradicaliseerd in Lissabon.”

Opleiding in het Europees Preventiecurriculum (EUPC): “Ik ben geradicaliseerd in Lissabon.”

VAD-stafmedewerker Ruben Kramer volgt momenteel de opleiding tot master trainer in het Europees preventiecurriculum rond middelengebruik (EUPC). CGG-preventiewerker Giovanni Laleman doorliep deze opleiding al volledig, met de train-the-trainer in Lissabon als kers op de taart. Ze delen hun ervaring in een interview. We laten eerst Ruben aan het woord en gaan vervolgens dieper in op de ervaring van Giovanni.

© Ebe Daems – VAD-medewerker Ruben Kramer

“Wat wel en niet effectieve preventie is, staat centraal in de EUPC-training”, zegt Ruben. “Voor mij is het belangrijk die basis goed te kennen omdat ik binnen VAD mee vormingen organiseer voor preventiewerkers en LOGO-medewerkers die werken rond alcohol en drugs.”

De opleiding tot master trainer begint met een driedaagse training over effectieve preventie op VAD. Daarna volgen de verdiepende online modules, georganiseerd door het Europees waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving (EMCDDA). Tot slot is er de train-the-trainer die gewoonlijk doorgaat bij het EMCDDA in Lissabon. Wie deze train-the-trainer heeft gevolgd, is master trainer en kan daarna de basisvorming geven aan anderen.

Kan je wat meer vertellen over de training op VAD en over de online modules die je volgde?

Tijdens de training op VAD maak je kennis met effectieve preventie in verschillende settings. Zo komen bijvoorbeeld school en gezin aan bod, maar ook media en evaluatie van preventie. In de online training ga je daar in verschillende modules met webinars en verwerkingsopdrachten dieper op in.

Heeft de opleiding jouw visie op preventie veranderd?

Ik heb nu een beter zicht op wat preventie allemaal inhoudt en hoe breed het gaat. Ik zie ook meer structuur en dat geeft me veel houvast. Zo giet het EUPC advocacy of pleitbezorging bijvoorbeeld in een duidelijk gestructureerd model. Je kan aan advocacy doen in verschillende fases: niet alleen bij agendasetting of tijdens het beslissingsproces, maar ook tijdens en zelfs na evaluatie.

Preventiewerkers geven vaak aan dat ze aan advocacy willen doen, maar niet weten hoe. Met het EUPC-model kan ik hen daar nu een aantal duidelijke handvaten voor meegeven. Tegelijk maakt dit model ook duidelijk dat preventiewerkers eigenlijk al vaak aan advocacy doen zonder het te beseffen.

Ook op omgevingsgerichte preventie heb ik nu een betere kijk. Bij omgevingsgerichte preventie denken we al snel aan fysieke ingrepen, zoals gratis water voorzien of de gezondste keuze in de verf zetten. Maar als je kijkt naar de onderverdeling die EUPC daarin maakt, dan gaat het ook bijvoorbeeld ook over maatregelen op vlak van regelgeving. De leeftijd om alcohol te consumeren optrekken of de prijs van alcohol verhogen, zijn ook omgevingsgerichte maatregelen, maar dan op een hoger niveau.

Dat maakt voor mij duidelijk dat we ons niet te veel moeten focussen op bepaalde vormen van preventie, maar ook altijd dat brede perspectief moeten houden. Een eenmalige actie organiseren is uiteraard gemakkelijker dan een heel beleidsplan maken. Maar het is onze taak om zowel naar partners als naar beleidsmakers wel te blijven communiceren dat zo’n beleidsplan van belang is om aan effectieve preventie te doen.

Voor mij was het dus vooral een eyeopener om zo gestructureerd in één vorming al die vormen van preventie te zien die samen een geheel vormen en elkaar versterken.

“Ik raad iedereen die met preventie bezig is aan het VAD-vormingenplatform in het oog te houden. Daar komen gaandeweg meer cursussen online gebaseerd op het Europees preventiecurriculum.”

Ruben Kramer – stafmedewerker VAD

Zou je de training effectieve preventie en de EUPC e-learning aanraden aan andere mensen in het werkveld?

De driedaagse training effectieve preventie op VAD vind ik voor iedereen die met preventie bezig is een must. Het is essentieel om te weten wat effectieve preventie is. Wie zich nog verder wil verdiepen, zou ik ook zeker de e-learning aanraden. Dat is wel een grotere tijdsinvestering. Ik schat dat ik er verspreid over vijf maanden zo’n vijftig uur aan heb besteed dus je bent er een paar uur per week mee bezig. Maar eens je het gevolgd hebt, is het wel een enorme meerwaarde. Je komt zo ook in contact met anderen die internationaal bezig zijn met preventie.

Over de train-the-trainer heb ik ook al veel positieve dingen gehoord dus ik kijk ernaar uit die binnenkort te volgen. Daarna krijg je bovendien ook toegang tot het PLATO-platform, een Europese community die zich bezighoudt met preventie. Per setting is daar een afzonderlijk forum waar je dingen kan posten, vragen kan stellen …

Hoe neem je wat je geleerd hebt verder mee in je werk?

Enerzijds heel concreet. Zo zijn we bijvoorbeeld bezig het stappenplan voor een alcohol- en drugbeleid voor lokale besturen te herwerken. Daarin nemen we het Communities That Care-model uit de EUPC-opleiding mee. Anderzijds bieden we nieuwe online cursussen aan op het VAD-vormingsplatform. Dat zijn deels herwerkingen van de e-learnings van de EUPC-training.

Mensen die niet de hele training kunnen volgen of voor wie vooral een bepaald onderdeel belangrijk is, kunnen daarmee aan de slag. Dat is dus niet enkel interessant voor preventiewerkers, maar bijvoorbeeld ook voor CLB’s. Ik raad iedereen die met preventie bezig is aan het vormingenplatform in het oog te houden, want er komen gaandeweg nog meer cursussen online.

Hoe gaat VAD verder aan de slag met de EUPC-opleiding?

We proberen een poule te vormen van mastertrainers die de driedaagse training op VAD kunnen geven. Die training is voor ons de kern. We proberen jaarlijks zoveel mogelijk mensen warm te maken om die te volgen, want het geeft de basis mee over wat effectieve preventie is. Om deze training te kunnen geven, moet je de volledige EUPC-training doorlopen hebben.

 

De ervaring van Giovanni: “Zonder de EUPC-opleiding had ik me deze vragen nooit gesteld.”

© Maximilian Von Heyden – CGG-preventiewerker Giovanni Laleman tijdens de train-the-trainer aan het EMCDDA.

Ook Giovanni volgde vanuit zijn functie als CGG-preventiewerker de EUPC-opleiding tot master trainer, inclusief de train-the-trainer bij het EMCDDA in Lissabon.

Wat was je motivatie om deel te nemen aan de EUPC-opleiding?

Ik werk als preventiewerker bij het CGG en daarom was het logisch dat ik de EUPC-opleiding volgde. Ik was wel al meer dan tien jaar met alcohol- en drugpreventie bezig: vroeger werkte ik rond verslavingspreventie in het onderwijs en tegenwoordig werk ik ook deeltijds voor De Sleutel als inhoudelijke ondersteuner in team preventie. Ik dacht dus niet dat ik nog veel nieuws zou leren, maar dat is toch anders uitgedraaid!

Hoezo? Wat heb je dan nieuw geleerd?

Ik was vooral bekend met preventie in het onderwijs. Evaluatie en monitoring en omgevingsgerichte preventie daarentegen, daar wist ik eigenlijk nog niks van en dat was wel een eyeopener. Zo moesten we tijdens de online training bijvoorbeeld een evaluatiestudie lezen van Drinkaware, een bekende non-profit die in het Verenigd Koninkrijk rond alcohol sensibiliseert. We moesten beoordelen of de evaluatiestudie goed in elkaar zat.

Je denkt dan dat die studie wel oké zal zijn omdat er proffen achter zitten. De studie ziet er visueel heel goed uit, maar eigenlijk is het rommelwetenschap. Ze meten niet eens wat ze in het voorwoord zeggen te ze zullen meten. Zo ben ik ook te weten gekomen dat Drinkaware op een heel sluwe manier gefinancierd wordt door de alcoholindustrie. Het idee erachter is veel en vroeg over alcohol beginnen. Dat gaat toch wel ver.

Ook het stuk rond omgevingsgerichte preventie was heel boeiend voor mij. Dat effectieve preventie net minder zichtbaar is, vind ik een interessante evolutie: zo kan je mensen hun gedrag beïnvloeden door zaken in hun omgeving te wijzigen. Een goed voorbeeld daarvan ging over hoe adolescenten beïnvloed worden door onbewuste zaken. Hoeveel ze drinken wordt onder meer bepaald door dingen in de omgeving, en die kan je dus aanpassen. Daar had ik nooit echt bij stilgestaan. Voordien was ik altijd redelijk drugspecifiek bezig rond neurobiologie, de psychologie van verslaving, …

“Als we niet weten of een bepaalde preventiemethodiek of -programma werkt, zijn we beter heel streng.”

Giovanni Laleman – CGG preventiewerker

Heeft de EUPC-opleiding je kijk op preventie dan veranderd?

Het heeft zaken die ik gaandeweg intuïtief wel al geleerd had, ook via VAD, geëxpliciteerd. Het is de eerste keer dat ik echt bewust stilstond bij wat evidencebased effectieve preventie juist inhoudt. De projecten waar ik zelf mee bezig ben, ging ik door die bril bekijken. Bovendien zag ik ineens ook het grotere plaatje rond preventie in heel Europa. Dat was bijzonder verrijkend en heeft voor mij veel in gang gezet.

Hoe neem je dat nu mee in je werk?

Ik ben geradicaliseerd in Lissabon. Ik zal niet snel iets doen waarvan de effectiviteit niet is aangetoond, terwijl ik daar vroeger minder bij stilstond. Zo hebben mijn voorgangers bij De Sleutel bijvoorbeeld de methodiek Unplugged voor drugpreventie in het onderwijs aangepast om ook in de tweede graad te gebruiken. Maar ik wil dat er nu echt uit, want Unplugged is enkel evidencebased voor 11- tot 13-jarigen en niet voor oudere leerlingen.

Ik ben een preventiefundamentalist geworden: als we het niet weten, dan zijn we beter heel streng. Unplugged bijvoorbeeld gaat onder meer over sociale normen, maar het werkt enkel als minder dan 30 procent van de leerlingen al experimenteergedrag vertonen. Als het er meer zijn wordt net het idee versterkt dat experimenteergedrag de norm, wat schadelijk is. Je moet je dus afvragen of de methodiek wel geschikt is voor een bepaalde klas. Dat zijn allemaal vragen die ik me voor de EUPC-opleiding nooit zou gesteld hebben.

Ook in de eerste graad wordt Unplugged niet meer zoveel gebruikt omdat er 13 lesuren voor nodig zijn. Dat is lastig voor de leerkrachten, want ze moeten daarbovenop ook nog eens tijd vrijmaken voor training. Daarom was er sprake van dat te clusteren om het toegankelijker te maken, maar door de EUPC-opleiding ben ik er nu van overtuigd dat we dat niet moeten doen. Daar leer je namelijk dat je de interventie niet verandert, maar wel de deskundigheid van de implementeerder of je implementatiestrategie.

In dit geval zullen we dus de manier van implementatie moeten veranderen. In plaats van de leerkrachten Unplugged te laten geven, kunnen we hogescholen studenten sociaal werk of toegepaste gezondheidswetenschappen laten trainen in Unplugged. Zij kunnen die methodiek dan geven als ze stage doen op een school. Dat zijn allemaal wezenlijke ideeën die niet revolutionair zijn, maar die sinds de EUPC-opleiding wel plots als puzzelstukjes in elkaar vallen.

© Maximilian Von Heyden –
De opleiding tot master trainer in het EUPC aan het EMCDDA in 2023

Bots je op weerstand als je in je werk probeert toe te passen wat je geleerd hebt?

Als je een goede pleitbezorger bent met een enthousiasmerende stijl en je kadert alles met correcte argumenten, dan pikken mensen dat echt wel op. Ik kijk ook erg uit naar de resultaten van het Frontline Politeia-project dat leerkrachten, politiemensen en sociaal werkers in het EUPC traint. Dat zal nog veel meer doen bewegen. Evidencebased preventie zal zo ook doorsijpelen naar andere sectoren dan het onderwijs.

Wat vond je van het train-the-trainer-gedeelte van de EUPC-opleiding in Lissabon?

Daar heb ik veel meer van opgestoken dan ik verwachtte. Tijdens de train-the-trainers deden we aan backteaching: de zaken die je geleerd hebt in de online training, ga je dan aan elkaar leren. Iedereen gaf dus een bepaalde module. Mensen in de groep kregen dan kaartjes waarop bepaalde persona’s stonden. Zij waren dus stoorzenders die je onderbraken en lastige vragen stelden tijdens je presentatie.

Doordat je zo’n lastige vragen krijgt, ga je er veel dieper over nadenken. Je gaat ook anders met de inhoud aan de slag door na te denken over voorbeelden die je kan geven uit je eigen land en ervaring om het wat actief te maken. Dat was allemaal heel verrijkend. Achteraf krijg je dan persoonlijke feedback van de jury: hoe ging je met de groep om, hoe ben je met de inhoud aan de slag gegaan, heb je juiste of foute dingen gezegd, … Ook van de groep krijg je feedback.

Het was behoorlijk intensief, maar ook ontzettend leerrijk! En in september 2023 geef ik voor het eerst een deel van de basisvorming op VAD.